Hammond Concorde

De Concorde was in de traditie van de vroegere  X-66, X-77, etc.  een ware mastodont. Zo'n beetje alle nieuwe uitvindingen waren aan boord: het AV-64 ritme, 4 sets drawbars, een arpeggio-strip, percussies van bijna alle voetmaten. Het was een waar concert-orgel. Hier worden de mogelijkheden uitgelegd.
In Nederland zijn er een flink aantal verkocht, ondanks de stevige prijs, die in 1972 ver boven de 30.000 guldens lag. Er waren ook redelijk wat meubel-uitvoeringen.



Concorde 2107

 

De Concorde 2307M (de M staat voor de cassetterecorder/speler).

 















 


Hier even lekker op de bossa tour.

 

De Nederlandse folder:

 


Hammond CONCORDE: een (h)eerlijk verhaal over een top-model.
Zie ook X 99.

Naast een enorme serie aan huiskamermodellen blijft het voor Hammond ook altijd een uitdaging om regelmatig met een topmodel op de markt te komen. Het is 1972. Na de X-66 en de X-77 was de tijd rijp om nu een topmodel met Large Scale Integration techniek te maken, dus op basis van chips.
Men spreekt bij de fabricage van IC's van LSI, als er meer dan 100.000 componenten op de chip geïntegreerd worden, als er maximaal 5.000 logische basisschakelingen aanwezig zijn of als er meer dan 16 kB geheugen in de chip aanwezig is. 
Hammond bouwde van 1972 tot dec. 1976 de 2100 series, waarvan hier de specificaties:

2 klavieren met elk 61 toetsen
25-tonig vlak radiaal pedaal
I.C. Generator
Sustain & Reverb
Ingebouwde Leslie
4 sets drawbars van 9 stuks elk
Lessenaarverlichting
Automatisch ritme
Automatische begeleiding
18 presets met de bekende omgekeerd gekleurde laagste octaven van boven en onderklavier
Ingebouwde cassette-recorder

De 2100 serie bestond uit 4 uitvoeringen:

Model 2107
Het strakke basismodel met een bruin registerpaneel

 

Nieuw was ook de introductie van de silver-caps. Stoere aluminium kleurige kunststof kapjes in origineel plastic, die ook als accessoire los te koop kwamen voor alle volpedaal modellen.

Hier even een theater-achtige beeld/geluidsimpressie.



Model 2127 de wat modernere uitvoering door het witte registerpaneel en dito lessenaar.

 

 

Kijk hier voor een prachtige  photo-shoot van de mooie 2127.


Model 2182 is klassiek model met speciaal luidsprekerdoek, ook op de lessenaar.
Zeldzaam in Europa.

 


Model 2195, relatief zeldzaam model met verfraaide lessenaar, zijvlakken en gedraaide poten. Onmogelijk formaat om af te leveren, want hij was breder dan de gemiddelde deur:



 



 

In januari 1977 bracht Hammond de 2300 serie met aanzienlijke verbeteringen. Het meubel was veel degelijker en op de traditionele manier gebouwd. De zijpanelen werden tijdens de productie van de 2100 serie aan een stalen frame gemonteerd en dat was op zijn zachtst gezegd een ongelukkige keuze, want het waren toch wel zeer zware orgels.

De techniek was inmiddels weer wat verder voortgeschreden, aangezien nieuwe toepassingen van de LSI-chips werden gebruikt. Ook werd afgezien van de Bell en Howell cassette recorder, omdat die accessoires absoluut onbetrouwbaar waren. Er was altijd wat mee aan de hand.

Hier de specificaties:
2 klavieren elk met 61 toetsen
25-tonig vlak radiaal pedaal
I.C. Generator
Sustain & Reverb
Ingebouwde Leslie
Chimes
Arpeggiator
4 sets drawbars 
Lessenaarverlichting
Note-a-chord op de "M" versies
(Note-a-Chord was een op de presets gebaseerd systeem om de toetsen ingedrukt te houden. Daar is wel eens een keertje commentaar op gekomen, aangezien men veronderstelde dat de toetsen defect waren)
Er was ook een "Eén vinger akkoord systeem" aan boord
Auto-vari 64 ritme
Touch Tempo
18 presets op de bekende zwart-wit omgekeerd gekleurde octaven aan de linker zijde van de klavieren.

Hoeveel mensen hebben ooit geprobeerd om de ingedrukte preset toetsen weer omhoog te brengen. Dat ging relatief makkelijk met de normale Hammond toetsen maar aanzienlijk gecompliceerder dan bij de zg. Waterfall toetsen, zoals bij een A-100, B-3 en C-3.

Het was in de winkel altijd vermakelijk om te zien wanneer bezoek toch even toetsen moesten aanraken van een instrument dat ze bewonderden. Met een bal moet ook getrapt worden, die kan men nooit laten liggen. Bij een Hammond moest men even op wat toetsen drukken. De grap zat hierin dat velen quasi onopvallend trachten de toets weer omhoog te brengen, omdat men meende, dat ze de toets stuk hadden gemaakt.

Een revolutie was het Touch-Tempo: in de maat het gewenste ritme tempo intikken
en off you go. Het ritme werd dan in die snelheid afgespeeld, zoals je dat zelf ingaf. Heel gemakkelijk en heel praktisch. Touch tempo was een uitvinding van de latere Roland-oprichter Kakehashi en werd gebruikt in de Ace Tone FR8L (het ijzeren plaatje links op de voor/bovenkant).


Deze functie heeft in de industrie vaak navolging gevonden bij de diverse fabrikaten en is tegenwoordig in praktisch elk orgel/keyboard wel aanwezig. De Hammond touch plate kon je ook omschakelen naar een start/stop functie.


 

Ook nieuw was de Arpeggiator. Bij de voorgaande modellen moest je. terwijl één hand het akkoord vasthield, met je andere hand over de koperen veeg-strip tussen de klavieren bewegen om het arpeggio-effect te krijgen. In de 2300 serie zat een automatische arpeggiator.

Ook werd de Auto-Vari-64 ritmebox nu standaard ingebouwd (zie foto).

 

Er kwamen twee uitvoeringen in de 2300 serie:
Model 2307 een strakke, zwart-bruine uitvoering.

 

Hier op de folder: de Silvercaps over de pedalen kwamen later ook los te koop en hier werd o.a. menige B-3000 mee opgesierd.



En Model 2312 traditioneel model met elegante pootjes. Smaakvolle meubels bouwen konden ze wel daar in Chicago.



Een stuk aardige old school.
 

De oorspronkelijke Engeltalige brochure van de 2100-serie.

 

Nederlandse folder met 2312.





Ook werd door Bryan Rodwell een demo-lp gemaakt op de 2100.

 

 

 

Dan tenslotte nog een unieke Concorde uitgevoerd met unieke QRS piano roll player systeem in een opbouw versie.

 



Zie dit systeem ook op model Phoenix.


Hieronder nog linkje naar enn You Tube-filmpje.